ECLI:NL:CRVB:2007:BA6367
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens ontbreken procesbelang bij arbeidsongeschiktheidsuitkering
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV waarbij haar arbeidsongeschiktheidsuitkering was herroepen en haar indeling in de hoogste arbeidsongeschiktheidsklasse werd hersteld. Het beroep richtte zich uitsluitend op de medische diagnose van chronische toxische encephalopathie (CTE), die niet in het bestreden besluit was vermeld.
De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang, omdat appellante met haar beroep geen gunstiger resultaat kon bereiken dan de reeds toegekende volledige arbeidsongeschiktheidsuitkering. De Centrale Raad van Beroep onderschreef dit oordeel en benadrukte dat procesbelang vereist dat het nagestreefde resultaat daadwerkelijk kan worden bereikt en betekenis heeft voor de indiener.
Hoewel appellante in de toekomst mogelijk belang kan hebben bij een beoordeling van het standpunt van het UWV over CTE, is dit een toekomstige en onzekere gebeurtenis die onvoldoende actueel belang vormt voor ontvankelijkheid. Ook de mogelijke heroverweging door de voormalige werkgever van het standpunt over een beroepsziekte vormt geen relevant belang.
De Raad wees een proceskostenveroordeling af en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Arnhem. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 1 juni 2007.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.