ECLI:NL:CRVB:2008:BE9370
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Vergoeding loonschade wegens onrechtmatig loonsanctiebesluit door UWV
Appellante stelde hoger beroep in tegen een besluit van het UWV waarbij een loonsanctie van vier maanden werd opgelegd wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen jegens een werknemer. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar het UWV herzag later het besluit en verklaarde het bezwaar gegrond, waardoor het primaire besluit werd herroepen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV door het onrechtmatige besluit een onrechtmatige daad heeft begaan en aansprakelijk is voor de schade. De schadevergoeding moet aansluiten bij het burgerrechtelijk schadevergoedingsrecht, waarbij 70% van het loon over de betreffende periode, met inachtneming van het wettelijk minimumloon, als vergoeding geldt. Tevens behoren de aan de loondoorbetaling verbonden werkgeverslasten en vakantietoeslag tot de schade.
De Raad wees ook proceskosten toe aan appellante, waaronder kosten voor rechtsbijstand en reis- en verletkosten van de directeur, maar niet voor werkzaamheden van de bedrijfsleider. Het UWV werd veroordeeld tot vergoeding van de schade en proceskosten, inclusief het betaalde griffierecht. Hiermee werd het bestreden besluit vernietigd en het beroep gegrond verklaard.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot vergoeding van 70% van het doorbetaalde loon en werkgeverslasten als schadevergoeding en tot betaling van proceskosten aan appellante.