ECLI:NL:CRVB:2010:BL4270
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- A.B.J. van de Ham
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt niet-ontvankelijkverklaring wegens misbruik procesrecht bij bijzondere bijstand
Appellant heeft herhaaldelijk aanvragen ingediend voor bijzondere bijstand en bezwaarschriften ingediend tegen het uitblijven van beslissingen. Het College van burgemeester en wethouders van Winterswijk nam sinds medio 2004 een gedragslijn aan waarbij aanvragen en bezwaarschriften van appellant niet meer in behandeling werden genomen vanwege het grote aantal en de inhoudelijke kansloosheid.
De rechtbank Zutphen verklaarde de beroepen van appellant niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang, gelet op het misbruik van procesrecht door het indienen van herhaalde aanvragen voor vergelijkbare kosten waarop al eerder onherroepelijk was beslist.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat het College ten onrechte niet heeft beslist op de aanvragen en bezwaarschriften. Volgens de Raad is het niet behandelen van aanvragen niet toegestaan buiten de wettelijke gronden van artikel 4:5 Awb Pro. Ook moet het bestuursorgaan tijdig beslissen op bezwaarschriften. De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank, verklaart de beroepen gegrond en beveelt het College alsnog een besluit op bezwaar te nemen.
Verder wijst de Raad erop dat indien een nieuwe aanvraag om bijzondere bijstand wordt ingediend voor dezelfde soort kosten, de aanvrager moet onderbouwen waarom deze aanvraag anders is dan eerdere, anders kan het bestuursorgaan afwijzen zonder te horen. De Raad veroordeelt het College tot vergoeding van proceskosten aan appellant.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring en beveelt het College alsnog te beslissen op de aanvragen en bezwaarschriften van appellant.