ECLI:NL:CRVB:2010:BL7847
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing tegemoetkoming onderwijsbijdrage wegens termijnoverschrijding
Betrokkene verzocht om een tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten (Wtos) voor het schooljaar 2002-2003. Aanvankelijk werd de aanvraag geweigerd vanwege problemen met de verblijfsstatus van betrokkene. Na een verblijfsvergunning met terugwerkende kracht werd een herhaalde aanvraag ingediend, die appellant afwees omdat deze niet binnen zes weken na het bekend worden van het nieuwe feit was ingediend.
De rechtbank vernietigde dit besluit en oordeelde dat appellant niet zonder meer een termijn van zes weken mag stellen voor herhaalde aanvragen. De Raad bevestigde dit oordeel in eerdere uitspraken en stelde dat appellant slechts een aanvraag mag afwijzen onder verwijzing naar een eerdere beschikking als geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn gesteld.
Appellant handhaafde het beleid dat aanvragen buiten de termijn van zes weken niet in behandeling worden genomen, wat de Raad als buitenwettelijk begunstigend beleid kwalificeerde dat terughoudend moet worden getoetst. De Raad concludeerde dat het beleid consistent is toegepast en dat betrokkene ervan op de hoogte had kunnen zijn.
De Raad vernietigt het besluit van 3 oktober 2007 dat de aanvraag afwees wegens termijnoverschrijding, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Tevens veroordeelt de Raad appellant in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: Het besluit van 3 oktober 2007 wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.