ECLI:NL:CRVB:2010:BM6241
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering en terugvordering wegens gezamenlijke huishouding en onjuiste inlichtingen
De zaak betreft het hoger beroep van het College van burgemeester en wethouders van Utrecht tegen een uitspraak van de rechtbank Utrecht die de intrekking van de bijstandsuitkering van [betrokkene 1] en de terugvordering van gemaakte kosten deels vernietigde. De intrekking was gebaseerd op het niet melden van een gezamenlijke huishouding met [betrokkene 2] en onjuiste informatie over het woonadres.
De Raad oordeelt dat sprake is van een gezamenlijke huishouding vanaf 1 mei 2004, niet vanaf 1 januari 2003 zoals appellant stelde. De verklaring van [betrokkene 2] tijdens een huisbezoek was onrechtmatig verkregen wegens gebrek aan informed consent, maar het gebruik ervan was niet onder alle omstandigheden ontoelaatbaar. De intrekking van bijstand over de periode vanaf 1 januari 2003 is gegrond vanwege schending van de inlichtingenplicht.
De terugvordering van bijstandskosten is terecht voor [betrokkene 1] over de gehele periode, maar de medeterugvordering van [betrokkene 2] kan alleen worden gehandhaafd vanaf 1 mei 2004, de aanvang van de gezamenlijke huishouding. De Raad vernietigt het besluit over de medeterugvordering voor de periode daarvoor en veroordeelt appellant in de proceskosten van [betrokkene 2].
Uitkomst: Bijstand van betrokkene 1 wordt ingetrokken vanaf 1 januari 2003 met terugvordering van kosten; medeterugvordering van betrokkene 2 wordt beperkt tot periode vanaf 1 mei 2004.