ECLI:NL:CRVB:2011:BP2553
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand na verlies uit vennootschap onder firma
Appellanten ontvingen bijstand op grond van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) over de periode 1 januari tot 1 juni 2006. Appellant was vennoot in een vennootschap onder firma (vof) en trad per 1 juni 2006 uit de vof, waarna zij een bijstandsuitkering ontvingen op grond van de Wet werk en bijstand (WWB).
Het College van burgemeester en wethouders van Arnhem had een deel van de bijstand omgezet in bijstand om niet, gebaseerd op het resultaat uit de vof, en het resterende bedrag teruggevorderd. Appellanten voerden in hoger beroep aan dat het stakingsverlies van de onderneming betrokken moest worden bij de berekening van het inkomen.
De Raad oordeelde dat het netto-inkomen correct was berekend op basis van het resultaat uit de jaarstukken en dat stakingsverlies niet relevant is voor de bijstandsberekening onder het Bbz. Het College was bovendien verplicht het resterende bedrag terug te vorderen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De terugvordering van het resterende bedrag bijstand wordt bevestigd, het netto-inkomen is juist berekend zonder stakingsverlies mee te nemen.