ECLI:NL:CRVB:2011:BQ8499
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- J.F. Bandringa
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar bij opschorting en intrekking bijstand wegens termijnoverschrijding
Appellant ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het College schortte de bijstand op per 2 september 2008 en trok deze bij besluit van 15 september 2008 definitief in. Appelman, advocaat van appellant, maakte namens hem bezwaar tegen beide besluiten, maar het bezwaar tegen het intrekkingsbesluit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het niet binnen de wettelijke termijn was ingediend.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het intrekkingsbesluit op de juiste wijze aan appellant is bekendgemaakt door verzending per aangetekende post naar zijn adres. Appellant ontkende ontvangst, maar kon niet aannemelijk maken dat het afhaalbericht niet was achtergelaten. Ook was niet gebleken dat het College op de datum van verzending op de hoogte was van een gemachtigde die hem vertegenwoordigde, zodat verzending aan Appelman niet verplicht was.
De Raad bevestigt dat de bezwaarperiode is begonnen op 16 september 2008 en eindigde op 27 oktober 2008. Het bezwaar van 17 november 2008 was dus te laat. Er was geen sprake van een verschoonbare termijnoverschrijding. Hierdoor is het bezwaar tegen het intrekkingsbesluit terecht niet-ontvankelijk verklaard en is het belang bij bezwaar tegen het opschortingsbesluit vervallen. Het hoger beroep van appellant wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het bezwaar tegen het intrekkingsbesluit is terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.