ECLI:NL:CRVB:2011:BR4929
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- A.J. Schaap
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding en schending inlichtingenplicht
Appellante ontving sinds 1996 bijstand en stond ingeschreven op een adres te [plaatsnaam]. Naar aanleiding van anonieme tips startte de sociale recherche een onderzoek naar haar woonsituatie en inkomsten. Observaties, buurtonderzoek en verklaringen van getuigen en Van [L.] wezen uit dat appellante vanaf 2003 een gezamenlijke huishouding voerde met Van [L.] op een ander adres dan haar inschrijving.
Appellante werd op 10 maart 2008 aangehouden en verhoord. Het dagelijks bestuur blokkeerde de bijstand per 1 februari 2008 en trok deze later in over de periode van 10 maart 2003 tot en met 31 januari 2008, met terugvordering van €57.468,73. De rechtbanken verklaarden de beroepen van appellante ongegrond.
In hoger beroep betwistte appellante de gezamenlijke huishouding en het ontvangen van inkomsten. De Raad oordeelde dat de verklaringen van appellante en Van [L.], ondersteund door buurtonderzoek, voldoende bewijs vormden dat zij samenwoonden en zorg droegen voor elkaar. Hierdoor had appellante haar inlichtingenplicht geschonden, waardoor ten onrechte bijstand werd verleend.
De Raad bevestigde dat het dagelijks bestuur terecht de bijstand had geblokkeerd en ingetrokken. Het beroep van appellante werd verworpen en de eerdere uitspraken bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van de bijstand wegens gezamenlijke huishouding en schending van de inlichtingenplicht.