ECLI:NL:CRVB:2011:BU7129
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging inhouding bijdrage zorgverzekeringswet op pensioen verdragsgerechtigde in Spanje
Appellant, woonachtig in Spanje en pensioengerechtigde ingevolge de Algemene Ouderdomswet, betwistte de inhouding van een bijdrage door het College voor zorgverzekeringen (Cvz) op zijn pensioen op grond van artikel 69 van Pro de Zorgverzekeringswet (Zvw) in samenhang met EU-verordeningen 1408/71 en 574/72.
De kern van het geschil betrof de vraag of appellant, die niet is ingeschreven bij het bevoegde orgaan van zijn woonland en geen aanspraak kan maken op verstrekkingen in Spanje, toch gehouden is tot betaling van de bijdrage in Nederland. Het Hof van Justitie van de EU heeft in een prejudiciële uitspraak bevestigd dat de bepalingen van deze verordeningen dwingend zijn en dat het nalaten van inschrijving niet ontslaat van de bijdrageplicht.
De Raad overwoog dat de AOW als wettelijk pensioen kwalificeert en dat de toepasselijkheid van de artikelen 28 en 28bis van Vo 1408/71 niet wordt beperkt door het feit dat appellant niet in Nederland woont of niet is ingeschreven in Spanje. De inhouding van de bijdrage is in overeenstemming met het solidariteitsbeginsel en de nationale bevoegdheid om sociale zekerheidsstelsels in te richten.
De Raad concludeert dat het besluit van Cvz om appellant als verdragsgerechtigde aan te merken en een bijdrage in te houden op zijn pensioen rechtmatig is en bevestigt de eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam.
Uitkomst: De inhouding van de bijdrage op het pensioen van appellant door Cvz is rechtmatig en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.