ECLI:NL:CRVB:2012:BW5741
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Weigering kinderbijslag wegens ontbreken duurzame persoonlijke band met Nederland op peildatum
Betrokkene, geboren in 1962 en houder van de Nederlandse nationaliteit, verhuisde in 1994 met haar gezin naar Pakistan en verbleef slechts kort in Nederland in 2001-2002. Op 15 januari 2010 keerde zij met haar kinderen terug naar Nederland en vroeg kinderbijslag aan. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) weigerde deze toe te kennen over het tweede kwartaal van 2010 omdat zij op de peildatum geen ingezetene was.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond op basis van de intentie van betrokkene zich blijvend in Nederland te vestigen, haar aanvraag voor een WWB-uitkering en aanmelding voor een inburgeringscursus. De Svb ging in hoger beroep en stelde dat op 1 april 2010 geen duurzame persoonlijke band met Nederland bestond, onder meer omdat betrokkene in een crisisopvang verbleef, geen familie of lidmaatschap van verenigingen had en niet was ingeschreven voor een inburgeringscursus.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de duurzame persoonlijke band op de peildatum ontbrak. De intentie en het bezit van de Nederlandse nationaliteit waren onvoldoende om die band te doen ontstaan. De Raad benadrukte dat het begrip ingezetene wordt bepaald aan de hand van alle relevante feiten en omstandigheden, waarbij de duurzame aard van de persoonlijke band centraal staat. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van kinderbijslag wordt ongegrond verklaard omdat betrokkene op de peildatum geen ingezetene was.