ECLI:NL:CRVB:2012:BW9394
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- O.L.H.W.I. Korte
- J.F. Bandringa
- E.C.R. Schut
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij afwijzing bijstandsaanvraag
Appellant diende een aanvraag om bijstand in, welke door het college buiten behandeling werd gesteld en later inhoudelijk werd afgewezen. De rechtbank vernietigde het primaire besluit en wees de aanvraag af, waarbij haar uitspraak in de plaats trad van het vernietigde besluit. Appellant stelde dat de rechtbank onterecht het primaire besluit herroepen had zonder verwijzing naar het college voor een nieuw besluit.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant in de relevante periode geen recht op bijstand had en daardoor geen persoonlijk belang meer had bij inhoudelijke beoordeling van het besluit. Bovendien was appellant niet verschenen ondanks oproep, en had hij geen schadevergoeding gevorderd. Hierdoor ontbrak het aan voldoende procesbelang om het hoger beroep ontvankelijk te verklaren.
De Raad verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees een veroordeling in proceskosten af. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 19 juni 2012.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.