ECLI:NL:CRVB:2012:BY4324
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.C. Bruning
- T. Hoogenboom
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Herziening dagloonberekening na foutieve terugvordering Ziektewetuitkering
Appellante betwistte de wijze waarop het UWV haar dagloon had vastgesteld, waarbij het UWV het terugbetaalde bedrag van een onterecht ontvangen Ziektewetuitkering als negatief loon in de referteperiode had verwerkt. De rechtbank had het beroep van appellante ongegrond verklaard, stellende dat het UWV terecht was uitgegaan van het loon waarover in de referteperiode aangifte was gedaan, inclusief teruggevorderde uitkeringen.
In hoger beroep stelde appellante dat deze toepassing onaanvaardbaar was omdat het dagloon daardoor afhankelijk werd van fouten van het UWV buiten de referteperiode, wat in strijd is met het verzekeringsbeginsel en het vereiste dat het dagloon een redelijke afspiegeling moet zijn van het welvaartsniveau bij het intreden van het verzekerde risico.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde dat het UWV een onjuiste toepassing had gegeven aan artikel 2 van Pro het Besluit dagloonregels werknemersverzekeringen in verbinding met artikel 15 van Pro de Ziektewet. Het dagloon moet opnieuw worden vastgesteld zonder dat het terugbetaalde bedrag als negatief loon wordt meegenomen, omdat dit afbreuk doet aan de verzekeringsgedachte en het principe van een redelijke weerspiegeling van het welvaartsniveau.
De Raad droeg het UWV op het gebrek in het bestreden besluit te herstellen, waarmee geen finale afdoening mogelijk was. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 23 november 2012.
Uitkomst: Het UWV moet het dagloon opnieuw berekenen zonder het terugbetaalde bedrag als negatief loon mee te nemen.