ECLI:NL:CRVB:2012:BY5325
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van bezwaar tegen sociale verzekeringspremies wegens te late ontvangst bezwaarschrift
Appellante maakte bezwaar tegen correctienota's en boetenota's van het Uwv betreffende sociale verzekeringspremies over de jaren 2003-2005. Het bezwaar werd door het Uwv ongegrond verklaard en de rechtbank verklaarde het hoger beroep ongegrond.
De Raad heropende het onderzoek en stelde vast dat het bezwaarschrift weliswaar op 2 juni 2008 door het Uwv werd ontvangen, maar de bezwaartermijn eindigde op 30 mei 2008. Appellante had het bezwaar via een koeriersbedrijf verzonden, maar kon geen ontvangstbewijs overleggen dat het tijdig was afgeleverd.
De Raad oordeelde dat verzending per koerier niet gelijkgesteld kan worden aan postverzending en dat het aan appellante was om aannemelijk te maken dat het bezwaarschrift tijdig was ontvangen. Dit is niet gelukt. Daarom werd het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard en het bestreden besluit vernietigd. Het Uwv werd verplicht het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het bezwaar van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late ontvangst van het bezwaarschrift door het Uwv.