ECLI:NL:CRVB:2013:2531
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij hoger beroep in bijstandszaak
Bij besluit van 19 april 2013 heeft het college van burgemeester en wethouders van Deurne de bijstand van verzoeker met ingang van 27 juli 2012 ingetrokken en de reeds verleende bijstand teruggevorderd tot een bedrag van €7.148,03. Het bezwaar van verzoeker tegen dit besluit werd ongegrond verklaard en de rechtbank Oost-Brabant verklaarde het beroep tegen dit besluit eveneens ongegrond.
Verzoeker stelde hoger beroep in en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Centrale Raad van Beroep overwoog dat de mogelijkheid om tijdens hoger beroep een voorlopige voorziening te treffen niet bedoeld is om de hoofdzaak te bespoedigen door middel van 'kortsluiting'. Verzoeker voerde aan dat hij in financiële nood verkeerde en daardoor zijn woonlasten niet kon betalen, met het risico dakloos te worden.
De Raad oordeelde echter dat onvoldoende sprake was van een spoedeisend belang. Verzoeker ontvangt vanaf 1 augustus 2013 studiefinanciering en er waren geen aanwijzingen voor bedreigende schulden. Ook was niet gebleken van een zwaarder belang dat het wachten op de bodemprocedure zou verhinderen. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van een spoedeisend belang.