ECLI:NL:CRVB:2014:258
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellante ontving sinds 1995 bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Naar aanleiding van vermoedens over onjuiste bewoning en financiële onregelmatigheden heeft de gemeente Hengelo een onderzoek ingesteld, waarbij onder meer een bankkluis en een groot bedrag contant geld in haar woning werden aangetroffen.
Het college van burgemeester en wethouders besloot de bijstand vanaf juli 2010 te beëindigen en de bijstand over een lange periode in te trekken en terug te vorderen. Appellante maakte bezwaar, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank bevestigde dit oordeel, waarna appellante in hoger beroep ging.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellante haar inlichtingenverplichting heeft geschonden door het bezit van de bankkluis en het geld niet te melden, waardoor het college niet kon vaststellen of zij recht had op bijstand. Haar verklaringen over de herkomst van het geld en de financiering van goederen waren onvoldoende. Daarom wordt het hoger beroep afgewezen en de intrekking en terugvordering bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens schending van de inlichtingenverplichting.