ECLI:NL:CRVB:2015:1840
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens voldoende medische grondslag
Appellant was voorman/ijzervlechter en ontving sinds februari 2012 een WW-uitkering. Vanaf december 2012 meldde hij zich ziek vanwege psychische klachten en kreeg een Ziektewetuitkering toegekend. Op 21 januari 2013 stelde een verzekeringsarts vast dat appellant hersteld was voor de maatgevende arbeid en beëindigde het UWV de ZW-uitkering per 23 januari 2013.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep eveneens ongegrond, omdat geen aanwijzingen waren dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij een depressie had met een lage GAF-score en vroeg om een onafhankelijk deskundige.
De Raad oordeelde dat de verzekeringsartsen de medische toestand juist hadden ingeschat. De aanvullende medische gegevens en de verklaring van psycholoog Erdogan gaven geen aanleiding tot een ander oordeel. De GAF-score is niet bedoeld om beperkingen in sociaal of beroepsmatig functioneren vast te stellen. Er waren geen gronden voor het benoemen van een onafhankelijk deskundige. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering wegens voldoende medische grondslag.