ECLI:NL:CRVB:2015:2592
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- H.J. Simon
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Overgangstermijn bij korting Wajong op ANW-uitkering wegens wijziging wetgeving
Betrokkene ontvangt sinds 1992 een Wajong-uitkering en kreeg in 2004 een nabestaandenuitkering (ANW) toegekend. Aanvankelijk werd de Wajong-uitkering in mindering gebracht op de ANW-uitkering, maar vanaf 2006 werd deze korting niet meer toegepast, waardoor betrokkene beide uitkeringen volledig ontving.
Met ingang van 1 januari 2011 is de wet gewijzigd waardoor de Wajong-uitkering weer in mindering wordt gebracht op de ANW-uitkering. Betrokkene werd hierover pas in de tweede helft van 2012 geïnformeerd, waarna de korting per 1 januari 2013 werd toegepast. Betrokkene stelde dat zij een langere overgangstermijn moest krijgen omdat zij laat geïnformeerd was.
De rechtbank oordeelde dat de wettelijke overgangstermijn van twee jaar onvoldoende was omdat betrokkene pas kort voor het ingaan van de korting geïnformeerd was. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit, maar stelt dat de overgangstermijn niet twee jaar maar één jaar na persoonlijke berichtgeving moet gelden. De korting is een aantasting van het eigendomsrecht, maar is gerechtvaardigd vanwege het legitieme doel van het voorkomen van cumulatie van uitkeringen. De Raad veroordeelt appellant tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: De overgangstermijn voor de korting van de Wajong-uitkering op de ANW-uitkering bedraagt één jaar vanaf persoonlijke berichtgeving.