Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van wettelijke rente af.
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene was werkzaam als meewerkend voorman bakovens met een arbeidsomvang van 40 uur per week, waarbij zwaardere rugbelastende werkzaamheden sinds 1990 door collega’s werden overgenomen. Na het faillissement van zijn werkgever meldde betrokkene zich ziek vanwege klachten door een likdoorn onder zijn voet. Appellant, het UWV, besloot dat betrokkene vanaf 8 april 2013 weer geschikt was voor zijn eigen werk en beëindigde de Ziektewet-uitkering.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant vernietigde dit besluit en stelde dat de maatstaf arbeid moest zijn de werkzaamheden die bij een soortgelijke werkgever gewoonlijk kenmerkend zijn, waarbij verzwarende aspecten niet buiten beschouwing mochten blijven. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat alleen bijzondere verzwarende aspecten buiten beschouwing mogen worden gelaten en niet de verlichtende aspecten, waardoor de rechtbank een onjuiste maatstaf hanteerde.
De Raad stelt vast dat de verzekeringsarts een zorgvuldig onderzoek heeft gedaan en dat betrokkene geen nieuwe medische informatie heeft ingediend die twijfel aan de arbeidsgeschiktheid rechtvaardigt. De Raad verklaart het beroep ongegrond, vernietigt de eerdere uitspraak en wijst het verzoek om vergoeding van wettelijke rente af.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd.