ECLI:NL:CRVB:2016:1092
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W.F. Claessens
- G.M.G. Hink
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling opschorting en intrekking bijstandsuitkering wegens niet verstrekken bankafschriften
Betrokkene ontving sinds 2008 bijstand en werd onderzocht naar de rechtmatigheid van deze bijstand vanwege een verblijf in het buitenland. Het college verzocht bankafschriften met begin- en eindsaldo en mutaties zichtbaar, maar betrokkene leverde slechts transactieoverzichten zonder deze gegevens. Hierdoor werd zijn bijstand opgeschort en later ingetrokken.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen opschorting ongegrond en tegen intrekking gegrond, omdat betrokkene niet begreep wat werd gevraagd. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het college bevoegd was tot opschorting zonder aanleiding en dat betrokkene verwijtbaar tekortschiet in het niet tijdig verstrekken van de juiste bankafschriften. De opschorting wordt bevestigd.
Ten aanzien van de intrekking oordeelt de Raad dat betrokkene verwijtbaar heeft gehandeld door niet tijdig de juiste stukken te leveren, ondanks psychische klachten. Daarom wordt de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep tegen intrekking ongegrond verklaard.
Uitkomst: De opschorting van de bijstand wordt bevestigd en het beroep tegen intrekking wordt ongegrond verklaard.