Uitspraak
.Appellante is verschenen
,bijgestaan door mr. Van Kerkhof
.Het college is, met bericht, niet verschenen
.
OVERWEGINGEN
.
.Bij het bestreden besluit is geen boete opgelegd, zodat het aangevoerde in zoverre feitelijke grondslag mist.
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante ontvangt bijstand als alleenstaande ouder en wordt onderzocht na een anonieme melding dat zij samenwoont met een partner, B. Uit onderzoek, verklaringen en een huisbezoek blijkt dat B regelmatig bij haar verblijft, gebruikmaakt van haar woning en er sprake is van wederzijdse zorg en gezamenlijke huishouding. Het college trekt de bijstand in en vordert terug vanwege het niet melden van deze situatie.
Appellante betwist de verklaring en stelt onder druk te zijn gezet, maar de Raad oordeelt dat de verklaring rechtsgeldig is afgelegd en dat het huisbezoek met informed consent heeft plaatsgevonden. De objectieve feiten, waaronder het vinden van persoonlijke spullen van B in de woning, bevestigen het gezamenlijke hoofdverblijf.
De Raad concludeert dat de voorwaarden voor het aannemen van een gezamenlijke huishouding zijn vervuld en dat het beroep op dringende redenen om terugvordering te voorkomen onvoldoende is onderbouwd. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.