ECLI:NL:CRVB:2017:4277
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening en intrekking bijstandsuitkering wegens onduidelijkheid over inkomen en vermogen echtgenote
Appellant ontving bijstand op grond van de Participatiewet en was gehuwd met een echtgenote die met hun kinderen in het buitenland verbleef. Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch trok de bijstand in en vorderde terug vanwege bijschrijvingen op de bankrekening van appellant en onduidelijkheid over het inkomen en vermogen van zijn echtgenote.
De Raad oordeelt dat de bijschrijvingen onder de vermelding ‘erfdeel pa’ terecht als inkomen zijn aangemerkt, omdat deze terugkerend waren en appellant deze kon gebruiken voor levensonderhoud. Echter, de verklaring over het inkomen en vermogen van de echtgenote was ontoereikend en onvoldoende onderbouwd, waardoor de intrekking en terugvordering op die grond niet standhouden.
De Raad vernietigt de bestreden besluiten en draagt het college op nieuwe beslissingen te nemen, waarbij de bijschrijvingen als inkomen in mindering kunnen worden gebracht. Tevens wordt het college veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden vernietigd en het college wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen.