ECLI:NL:CRVB:2019:1818
Centrale Raad van Beroep
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Verzoeken om wraking van de behandelend rechter niet in behandeling genomen
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld tegen meerdere uitspraken van de rechtbank Zeeland-West-Brabant en tevens wrakingsverzoeken ingediend tegen de behandelend rechter mr. A.I. van der Kris.
De wrakingsverzoeken zijn ingediend nadat de einduitspraak in de hoofdzaak op 28 februari 2019 openbaar was gemaakt. Volgens artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht moet een wrakingsverzoek worden gedaan voordat uitspraak is gedaan, omdat de zaak daarna niet langer bij de rechter in behandeling is.
De Centrale Raad van Beroep stelt dat de wet niet voorziet in wraking na uitspraak en besluit op grond van artikel 3, tweede lid, van de Wrakingsregeling bestuursrechtelijke colleges de verzoeken niet in behandeling te nemen. Hierdoor blijft een inhoudelijke beoordeling van de wrakingsgronden achterwege.
De beslissing is genomen door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep en uitgesproken in het openbaar op 27 mei 2019.
Uitkomst: De verzoeken om wraking van de behandelend rechter worden niet in behandeling genomen wegens te late indiening na openbaarmaking van de einduitspraak.