ECLI:NL:CRVB:2022:2447
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens gezamenlijke huishouding zonder melding
Appellanten ontvingen bijstand als alleenstaanden, maar het college trok deze in omdat zij een gezamenlijke huishouding voerden zonder dit te melden. Het team Fraudebestrijding voerde een onderzoek uit met waarnemingen, gesprekken en huisbezoeken. De Raad oordeelt dat er een redelijke grond was voor het huisbezoek en dat appellanten aan hun verklaringen gehouden kunnen worden.
De onderzoeksresultaten tonen aan dat appellant zijn hoofdverblijf in de te beoordelen periode op het adres van appellante had en dat er sprake was van wederzijdse zorg, zoals het delen van huishoudelijke taken en gebruik van elkaars bezittingen. Dit voldoet aan de criteria van gezamenlijke huishouding volgens de Participatiewet.
De Raad bevestigt daarom het besluit van de rechtbank om de intrekking van de bijstand te handhaven. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 15 november 2022.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand wegens het voeren van een gezamenlijke huishouding zonder melding wordt bevestigd.