ECLI:NL:CRVB:2023:2509
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand wegens onvoldoende aannemelijkheid bijzondere omstandigheden
Appellant vroeg bijzondere bijstand aan voor de aanschaf van een bed, fornuis en bankstel, stellende dat hij door langdurige schuldenproblematiek niet had kunnen reserveren voor deze kosten. Het dagelijks bestuur wees de aanvraag af omdat het ging om algemeen noodzakelijke kosten die voorzienbaar waren en appellant volgens hen had kunnen reserveren. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad voor de Rechtspraak bevestigt dit oordeel.
De Raad nuanceert de vaste rechtspraak door te stellen dat onder bepaalde omstandigheden een gebrek aan reserveringsruimte door schulden wel een bijzondere omstandigheid kan zijn die bijzondere bijstand rechtvaardigt. Dit geldt bijvoorbeeld als schulden zijn ontstaan door onvoorziene omstandigheden waardoor het inkomen daalde. Echter, appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij niet kon reserveren vanwege zijn schulden.
Appellant had een schuldsaneringstraject doorlopen en een saneringskrediet afbetaald, maar het dagelijks bestuur toonde aan dat hij sinds 2012 had kunnen reserveren voor de vervangingskosten. Appellant heeft deze berekening niet gemotiveerd weersproken. Daarom is niet vastgesteld dat hij bijzondere omstandigheden had die bijzondere bijstand rechtvaardigen.
De Raad bevestigt de afwijzing van de aanvraag en wijst het hoger beroep af. Appellant krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van bijzondere bijstand wordt bevestigd.