ECLI:NL:CRVB:2023:72
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging strafontslag wegens ernstig plichtsverzuim bij Belastingdienst
Appellant was werkzaam bij de Belastingdienst en werd op 5 november 2019 ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim. Dit betrof onder meer circa 440 uur ongeoorloofde afwezigheid, onjuiste invulling van het tijdregistratiesysteem, onrechtmatige vergoeding van reiskosten, oneigenlijk gebruik van een zakelijke OV-chipkaart en het niet naleven van het verzuimprotocol.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant tegen het ontslag ongegrond en oordeelde dat appellant zich schuldig had gemaakt aan ernstig plichtsverzuim. Het medisch dossier van appellant werd niet geaccepteerd wegens strijd met de goede procesorde.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren, waaronder het ontbreken van toegang tot zijn werkcomputer en een beroep op verminderde toerekenbaarheid. De Raad verwierp deze gronden, oordeelde dat de minister niet verplicht was een medisch onderzoek te verrichten zonder aanwijzingen en vond geen bewijs voor medische oorzaken van het gedrag.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank en bevestigde het ontslagbesluit. Er werd geen aanleiding gezien voor toekenning van proceskosten aan appellant.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd.