ECLI:NL:CRVB:2023:859
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet-melding doorlopende handel op Marktplaats
Appellanten ontvingen bijstand vanaf december 2013, aanvankelijk naar de gehuwdennorm en vanaf augustus 2017 als alleenstaande. Naar aanleiding van een melding over de verkoop van dieren via Marktplaats startte het college een onderzoek. Uit gegevens van Marktplaats bleek dat appellant tussen januari 2015 en augustus 2017 439 advertenties plaatste, vooral van dieren, met verkoopprijzen tussen €550 en €4.000.
Het college trok de bijstand over de periode januari 2015 tot september 2017 in en vorderde de kosten van bijstand terug, omdat appellanten de inkomsten uit deze handel niet hadden gemeld. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Appellanten voerden in hoger beroep aan dat het hen niet redelijkerwijs duidelijk was dat de handel invloed had op het recht op bijstand.
De Raad oordeelde dat het voor appellanten duidelijk had moeten zijn dat zij de verkoopactiviteiten en opbrengsten moesten melden, gelet op het aanvullende karakter van de bijstand. Door deze niet-melding schonden zij de inlichtingenverplichting van artikel 17 PW Pro. Het hoger beroep slaagde niet, de bestreden besluiten bleven in stand en appellanten kregen geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand blijven in stand.