ECLI:NL:CRVB:2025:410
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen intrekking en terugvordering AIO-uitkering wegens niet gemeld onroerend goed in Marokko
Verzoeker ontvangt sinds 2018 een AIO-uitkering, maar de Sociale Verzekeringsbank (Svb) heeft deze ingetrokken en teruggevorderd omdat verzoeker niet had gemeld dat hij eigenaar was van onroerend goed in Marokko met een waarde boven de vermogensgrens.
Verzoeker betwist het eigendom van het onroerend goed in [plaats 2], maar de Svb heeft op basis van taxatierapporten en eigendomsdocumenten aannemelijk gemaakt dat verzoeker eigenaar is van zowel een stuk landbouwgrond als een woning. Verzoeker heeft geen controleerbare stukken overgelegd die zijn stelling ondersteunen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de waarde van het onroerend goed ook schattenderwijs kan worden vastgesteld op basis van een latere taxatie en dat de Svb terecht is uitgegaan van de getaxeerde waarde. De terugvordering is niet onevenredig, aangezien verzoeker de inlichtingenplicht heeft geschonden en er geen dringende redenen zijn om van terugvordering af te zien.
Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbankuitspraak naar verwachting in stand zal blijven en de belangenafweging niet in het voordeel van verzoeker uitvalt.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de intrekking en terugvordering van de AIO-uitkering blijven gehandhaafd.