Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
10 maart 2022 geen WW-uitkering meer uit te betalen, in stand blijft.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was werkzaam als [naam functie] in een extra beveiligde Penitentiaire Inrichting en speelde tijdens een nachtdienst een actieve rol bij het ongecontroleerd binnenlaten van een pizzabezorger, wat leidde tot een onveilige situatie. Werkgever startte een ontslagprocedure wegens verwijtbaar handelen, waarbij het gerechtshof de arbeidsovereenkomst ontbond wegens verwijtbaar handelen, maar geen sprake achtte van ernstig verwijtbaar handelen.
Appellant vroeg vervolgens een WW-uitkering aan, die het Uwv aanvankelijk toekende, maar later introk omdat appellant verwijtbaar werkloos was geworden. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze intrekking ongegrond. Appellant voerde aan dat de gedragingen geen dringende reden voor ontslag vormden en dat er sprake was van een cultuur binnen de PI die het gedrag rechtvaardigde.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het Uwv terecht zelfstandig heeft beoordeeld dat sprake is van verwijtbare werkloosheid op grond van een dringende reden in de zin van artikel 7:678 BW Pro. De Raad verwierp het verweer van appellant dat het Uwv onvoldoende onderzoek had gedaan en dat de transitievergoeding een aanwijzing was dat geen dringende reden bestond. De Raad benadrukte de eigen verantwoordelijkheid van appellant en het belang van de strenge veiligheidsregels in de extra beveiligde PI.
De Raad bevestigde dat de weigering van de WW-uitkering per 10 maart 2022 terecht is en wees het hoger beroep af. Appellant kreeg geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 23 april 2025.
Uitkomst: De weigering van de WW-uitkering per 10 maart 2022 wegens verwijtbare werkloosheid wordt bevestigd.