Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft zich meerdere keren tot het college van burgemeester en wethouders van Haarlem gewend voor opvang op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015). De voorzieningenrechter bepaalde dat appellant een dagvergoeding van €45,- per dag zou ontvangen om zelf opvang te regelen. Appellant verzocht het college om voortzetting van deze vergoeding na 22 april 2021 en stelde beroep in wegens het niet tijdig beslissen op dit verzoek.
De rechtbank wees het verzoek van appellant om het college te veroordelen in de proceskosten af omdat het college al eerder had toegezegd de dagvergoeding tot nader order voort te zetten. Appellant ging tegen deze uitspraak in hoger beroep. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat geen sprake is van tegemoetkomen in de zin van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De brief van het college bevestigde slechts de eerdere toezegging en vormde geen nieuw tegemoetkomen.
Daarnaast is de redelijke termijn van de procedure overschreden, maar de Raad wijst het verzoek om schadevergoeding af omdat appellant geen immateriële schade in de vorm van spanning en frustratie heeft geleden. Dit volgt uit jurisprudentie van de Hoge Raad waarin bij een gering financieel belang geen vergoeding hoeft te worden toegekend. Het hoger beroep wordt afgewezen en appellant krijgt geen vergoeding voor proceskosten of griffierecht.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding en schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn wordt afgewezen.