ECLI:NL:CRVB:2025:935
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift niet-ontvankelijk wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding bij indicatie Wlz-zorg
Appellant was onder curatele gesteld en ontving een indicatiebesluit van het CIZ voor langdurige zorg op 23 februari 2023. Hij maakte bezwaar tegen dit besluit, maar te laat. Het CIZ verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaarperiode zonder verschoonbare reden. De rechtbank bevestigde dit oordeel.
In hoger beroep stelde appellant dat het besluit niet correct was bekendgemaakt omdat het alleen aan zijn curator was verzonden. De Raad oordeelde dat de verzending aan de curator als wettelijk vertegenwoordiger rechtsgeldig was en dat de bezwaarperiode daarmee was gestart.
Appellant voerde aan dat hij niet tijdig was geïnformeerd door zijn curator, maar de Raad stelde vast dat hij via zijn gemachtigde op 31 maart 2023 kennis had genomen van het besluit en dat hij toen tijdig bezwaar had kunnen maken. De Raad volgde het nieuwe beoordelingskader voor termijnoverschrijdingen en vond geen bijzondere omstandigheden die de overschrijding verschoonbaar maken.
Het hoger beroep werd verworpen, het bestreden besluit bleef in stand en appellant kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding en het bestreden besluit blijft in stand.