ECLI:NL:GHAMS:2003:AH9844
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Van Loon
- F. Schaap
- J. Steenbergen
- Rechtspraak.nl
Aftrekbaarheid onderhoudskosten monumentale buitenplaats voor inkomstenbelasting
Belanghebbende kocht in 1997 een historische buitenplaats met een tuin van 5,5 hectare die als monument is geregistreerd. De discussie betrof de aftrekbaarheid van de onderhoudskosten van deze tuin voor de inkomstenbelasting over 1998. De inspecteur stelde dat de kosten grotendeels niet aftrekbaar waren omdat deze volgens hem door de huurder gedragen zouden moeten worden en dat het omvangscriterium een beperking oplegt.
Het Hof stelde vast dat de tuin vanwege zijn monumentale aard niet te vergelijken is met een normale tuin en dat de onderhoudskosten die de normale huurderslasten overstijgen aftrekbaar zijn. Het Hof verwierp het standpunt van de inspecteur dat alle kosten als huurderslasten moesten worden gezien en dat het omvangscriterium van toepassing was, omdat hiervoor onvoldoende bewijs was geleverd.
Het Hof nam daarbij ook de beschrijving van de taxateur en de Rijksdienst voor de Monumentenzorg mee, die het bijzondere karakter van de tuin bevestigden. Uiteindelijk werd een forfaitair bedrag van ƒ 25.000 vastgesteld als normaal tuinonderhoud dat niet aftrekbaar is. De aftrekbare kosten werden berekend door dit bedrag en andere correcties af te trekken van de opgevoerde kosten.
Het Hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de eerdere uitspraak, stelde het verrekenbare verlies hoger vast en veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het verrekenbare verlies wordt verhoogd met ƒ 366.635.