ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ4685
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling leningsovereenkomst met ongebruikelijke voorwaarden en renteaftrek in vennootschapsbelasting
X BV sloot een leningsovereenkomst met T BV voor fl. 10.000 met een looptijd tot 31 december 2210 en een jaarlijkse rente van fl. 80.000, oplopend met fl. 1.000 per jaar. De inspecteur betwistte de lening en kwalificeerde deze als schenking of deelnemerschapslening, en beperkte de renteaftrek.
Het Hof oordeelde dat sprake is van een lening, geen schenking, omdat de werkelijke rente cumulatief 4,016% bedraagt en de voorwaarden niet winstafhankelijk zijn. De inspecteur had onvoldoende bewijs voor een schijnlening of kapitaaldeelname.
De tussentijdse opeisbaarheid van rente bij uitzonderlijke omstandigheden werd als verwaarloosbaar klein beoordeeld, waardoor geen rekening hoefde te worden gehouden met vervroegde aflossing. De renteaftrek werd daarom beperkt tot 4,016% van het gepassiveerde bedrag.
De rechtbank had de beroepen ongegrond verklaard en het Hof bevestigde dit oordeel. Het bewijsaanbod van belanghebbende om de kans op tussentijdse opeisbaarheid te onderbouwen werd gepasseerd wegens onvoldoende onderbouwing.
De uitspraak bevestigt de fiscale behandeling van de lening en de beperking van renteaftrek in overeenstemming met eerdere uitspraken van het Hof en de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de renteaftrek wordt beperkt tot 4,016% van het gepassiveerde bedrag.