ECLI:NL:GHAMS:2010:BO2574
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Navordering niet toegestaan wegens ambtelijk verzuim bij primitieve aanslag monumentenpand
Belanghebbende en zijn echtgenoot dienden in april 2003 hun aangiften inkomstenbelasting in, waarin onder meer kosten voor een monumentenpand werden opgevoerd. De inspecteur startte in augustus 2003 een onderzoek naar de aftrekbaarheid van deze kosten, waarbij ook het Bureau Monumentenpanden werd betrokken.
Ondanks het lopende onderzoek stelde de inspecteur in oktober 2003 de primitieve aanslag vast, conform de aangifte, zonder de onderzoeksresultaten af te wachten. Pas in mei 2004 ontving de inspecteur het advies van het Bureau, waarna hij een navorderingsaanslag oplegde in februari 2005, waarbij de aftrek met € 12.360 werd verminderd.
De rechtbank oordeelde dat deze navordering niet was toegestaan omdat de inspecteur een ambtelijk verzuim had gepleegd door de primitieve aanslag vast te stellen terwijl het onderzoek nog liep. Dit verzuim kon niet worden hersteld door navordering. Het Gerechtshof bevestigde dit oordeel en wees het hoger beroep van de inspecteur af. Tevens werd de inspecteur veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Het hoger beroep van de inspecteur wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag vernietigd wegens ambtelijk verzuim.