ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ7700
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.J. Laurentius-Kooter
- L.M. Croes
- J.J. Makkink
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over zorgplicht en schadevergoeding bij effectenleaseovereenkomst
In deze civiele zaak draait het om de effectenleaseovereenkomst 'Spring er uit met Defam Effectenlease' tussen Defam B.V. en een particuliere belegger. De belegger vordert onder meer ontbinding van de overeenkomst en terugbetaling van betaalde rente en kwijtschelding van de restschuld. Defam vordert betaling van de restschuld en incassokosten.
De rechtbank oordeelde dat Defam onrechtmatig had gehandeld en veroordeelde haar tot schadevergoeding. Defam ging in hoger beroep en stelde dat zij niet tekort was geschoten in haar zorgplicht. Het hof bevestigde dat Defam als professionele dienstverlener een bijzondere zorgplicht heeft, waaronder een duidelijke waarschuwingsplicht voor het risico van een restschuld en een onderzoeksplicht naar de financiële draagkracht van de belegger.
Het hof stelde vast dat Defam niet voldoende had gewaarschuwd voor het restschuldrisico en dat dit tekortschieten oorzakelijk verband hield met het aangaan van de overeenkomst en de schade van de belegger. De vergoedingsplicht van Defam werd verminderd wegens eigen schuld van de belegger, die bekend was met de aard van de lening en belegging. Het hof veroordeelde de belegger tot betaling van een deel van de restschuld en tot terugbetaling van een onverschuldigd betaald bedrag aan Defam. De kosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: Defam is gedeeltelijk aansprakelijk voor de restschuld en de belegger moet een deel van de restschuld en rente betalen.