ECLI:NL:GHARL:2013:BZ2833
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- J.H. Lieber
- R.A. Dozy
- R. Prakke-Nieuwenhuizen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zuivere aanvaarding nalatenschap bij beheerhandelingen en toe-eigening
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de geïntimeerde de nalatenschap van overledene zuiver had aanvaard door het verrichten van beheerhandelingen en het zich toe-eigenen van sieraden en banksaldi. Het hof bevestigde dat volgens artikel 4:192 lid 1 BW Pro een erfgenaam die zich ondubbelzinnig als zuiver aanvaardend gedraagt, de nalatenschap zuiver aanvaardt, tenzij eerder beneficiair is aanvaard of verworpen.
Het hof benadrukte dat alleen het verrichten van beheerhandelingen, zoals normale exploitatie en het voldoen van prestaties, niet leidt tot zuivere aanvaarding. Echter, het beschikken als heer en meester over goederen, zoals toe-eigening van sieraden en banksaldi, impliceert wel zuivere aanvaarding. De appellant mocht bewijs leveren dat de geïntimeerde zich dergelijke goederen had toegeëigend voordat zij de nalatenschap verwerpt.
Het hof bepaalde dat indien dit bewijs slaagt, de nalatenschap als zuiver aanvaard moet worden beschouwd en het verweer van de geïntimeerde dat zij het bedrag van €11.512,09 reeds had voldaan alsnog beoordeeld zal worden. Tot slot werd het bewijsproces nader geregeld, met getuigenverhoren onder leiding van een raadsheer-commissaris en strikte termijnen voor het indienen van bewijsstukken en proceshandelingen.
Uitkomst: Het hof staat bewijslevering toe over toe-eigening van nalatenschapsgoederen en houdt verdere beslissing aan.