Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/kantoor Amsterdam(hierna: de Inspecteur)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende, een professionele voetbalorganisatie, kreeg naheffingsaanslagen opgelegd voor de crisisheffing over de tijdvakken maart 2013 en maart 2014, inclusief boetes. Zij betwistte de heffing en boetes, stellende dat de crisisheffing niet mogelijk zou zijn, in strijd is met het gelijkheidsbeginsel en het eigendomsrecht, en dat sprake is van een individuele en buitensporige last.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar mat de boete over 2013. Belanghebbende ging in hoger beroep. Het hof volgde de jurisprudentie van de Hoge Raad en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, oordeelde dat de crisisheffing rechtsgeldig is en niet discriminerend of onrechtmatig. De stelling van een individuele en buitensporige last werd verworpen, mede omdat belanghebbende onvoldoende bewijs leverde.
De boetebeschikkingen bleven gehandhaafd omdat belanghebbende haar grieven in hoger beroep had prijsgegeven. Wel kende het hof een immateriële schadevergoeding van €500 toe wegens overschrijding van de redelijke termijn. Daarnaast werden proceskosten en griffierecht aan de Inspecteur opgelegd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslagen en boetebeschikkingen worden bevestigd, met een immateriële schadevergoeding van €500 wegens overschrijding redelijke termijn.