Uitspraak
Jaar 2018
€ 560.306. U heeft aan de FIOD verklaard dat dit bedrag gelijkelijk verdeeld wordt tussen u en een andere partij. Dat betekent dat u over het jaar 2018 een bedrag van € 208.153 heeft ontvangen.
€ 13.550
Jaar 2019
€ 264.750. Dit bedrag zit op de periode 1 januari 2019 tot en met 18 juni 2019. Over de periode vanaf 19 juni 2019 heb ik geen nadere informatie ontvangen, ik heb echter geen aanleiding om aan te nemen dat de ondernemingsactiviteiten in deze periode veel zullen afwijken van de periode vóór 19 juni 2019. Ook in het jaar 2020 gaan de activiteiten op dezelfde voet verder. Het is daarom redelijk dat de cijfers van vóór 19 juni 2019 om geslagen worden naar het hele jaar. Het bestand is voor het jaar 2019 tot en met 18 juni 2019 bijgehouden. Dit betreft 168 dagen. Als ik € 264.750 omsla naar 365 dagen, kom ik op een bedrag van € 575.201.
€ 287.600 heeft ontvangen.
€ 66.148
Jaar 2020
€ 428.991. U heeft aan de FIOD verklaard dat dit bedrag gelijkelijk verdeeld wordt tussen u en een andere partij. Dat betekent dat u over het jaar 2020 een bedrag van € 214.495 heeft ontvangen.
€ 52.073
€ 280.207. U heeft aan de FIOD verklaard dat dit bedrag gelijkelijk verdeeld wordt tussen u en een andere partij. Dat betekent dat u over het jaar 2021 een bedrag van € 140.103 heeft ontvangen.
€ 55.947
- vernietigt de uitspraak van de Rechtbank, voor zover deze betrekking heeft op de navorderingsaanslag;
- vernietigt de uitspraak op het bezwaar, voor zover deze betrekking heeft op de navorderingsaanslag;
- gelast de Inspecteur de navorderingsaanslag te verminderen tot een berekend naar een winst uit onderneming van € 288.342;
- gelast de Inspecteur de belastingrentebeschikking dienovereenkomstig te verminderen;
- veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende ten bedrage van
- gelast de Inspecteur aan belanghebbende een bedrag van € 138 aan griffierecht te vergoeden.