Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 21 mei 2024
[X] te [Z] , belanghebbende,
de inspecteur van de Belastingdienst, de Inspecteur,
Procesverloop
Feiten
‘Stamrechtuitkeringen kwalificeren als loon uit vroegere dienstbetrekking en vallen in beginsel onder de werking van het arbeidsartikel (16). Het heffingsrecht is daarin toegewezen aan het voormalige werkland. Echter, indien de stamrechtuitkeringen voldoen aan de lijfrentedefinitie die is opgenomen in artikel 19 lid 5 van Pro het belastingverdrag met de VS dan is het heffingsrecht toegewezen aan de woonstaat.’
met inachtneming van de huidige wet- en regelgeving en het verdrag tussen Nederland en de Verenigde Staten zoals het thans luidt.Wetswijzigingen en/of wijzigingen van verdragen staan hier los van, uiteraard kunt u daarover geen zekerheid geven.
Samenvatting van uw verzoek
Beoordeling van uw verzoek
Beslissing op uw verzoek
Oordeel van de Rechtbank
Vertrouwensbeginsel
Geschil in hoger beroep en conclusies van partijen
Beoordeling van het hoger beroep
Proceskosten en griffierecht
Beslissing
- vernietigt de uitspraak van de Rechtbank voor zover deze betrekking heeft op het jaar 2017;
- bevestigt de uitspraak van de Rechtbank voor het overige;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar voor zover deze betrekking heeft op het jaar 2017;
- vermindert de aanslag 2017 tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 72.856, onder handhaving van de overige elementen van de aanslag;
- vermindert de voor het jaar 2017 in rekening gebrachte belastingrente dienovereenkomstig;
- veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende voor het geding in beroep en hoger beroep, vastgesteld op € 3.500;
- gelast de Inspecteur aan belanghebbende een bedrag van € 186 aan griffierecht te voldoen.