Deze civiele procedure betreft een effectenleaseovereenkomst tussen appellante en Dexia, tot stand gekomen via de tussenpersoon Spaar Select. Appellante stelt dat zij onrechtmatig is geadviseerd door Spaar Select, die niet beschikte over de vereiste vergunning, terwijl Dexia hiervan op de hoogte was of had moeten zijn.
De kantonrechter oordeelde eerder dat Dexia aan haar verplichtingen had voldaan en dat er geen sprake was van vergunningplichtige advisering door Spaar Select. Het hof vernietigt dit vonnis en stelt vast dat de feiten zoals vastgesteld door de kantonrechter niet zijn bestreden. Het hof beoordeelt vervolgens de grieven van appellante en de verweren van Dexia.
Het hof concludeert dat Spaar Select gepersonaliseerd advies heeft gegeven, waarbij rekening is gehouden met de financiële situatie en wensen van appellante, en dat Dexia dit had moeten weten. Dexia heeft onvoldoende gemotiveerd betwist dat zij wetenschap had van deze advisering. Hierdoor heeft Dexia onrechtmatig gehandeld en is zij schadeplichtig.
De schadevergoeding omvat de betaalde inleg minus ontvangen voordelen, vermeerderd met wettelijke rente. Een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten wordt afgewezen. Dexia wordt veroordeeld in de proceskosten van zowel eerste aanleg als hoger beroep. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad en is op 19 mei 2026 uitgesproken.