Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
CAFÉ LA BASTILLE XLof
CAFÉ LA BASTILLE THORBECKEPLEIN,
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep na verwijzing
- memorie na verwijzing (met producties) van [appellant] ,
- memorie van antwoord na verwijzing (met producties) van La Bastille XL,
- akte uitlaten producties (met producties) van [appellant] ,
- antwoordakte van La Bastille XL.
3.Feiten
4.Beoordeling
- i) veroordeling van La Bastille XL tot betaling aan hem van € 5.132,61 met wettelijke verhoging en wettelijke rente,
- ii) veroordeling van La Bastille XL tot het doen van mededeling aan Stichting Bedrijfstakpensioenfonds Horeca van deze nabetaling en tot voldoening van de verschuldigde pensioenpremie over deze nabetaling aan het pensioenfonds,
- iii) veroordeling van La Bastille XL in de proceskosten van beide instanties.
voor mij is het een bevestiging wat ik al jaren riep tijdens werk’ waarmee [appellant andere procedure] doelt op zijn niet aflatende klachten over zijn vermoeden dat de cao niet wordt nageleefd. Alles werd door La Bastille weggewuifd onder verwijzing naar de bonusregeling waarmee de overuren zouden zijn gecompenseerd. De werknemers werd voorgehouden dat iedereen binnen het bedrijf op gelijke wijze is ingeschaald waarbij de verdeelsleutel van de bonus zorgde voor de benodigde differentiatie (…).
hof) pas in 2017 heeft doorgepakt met het instellen van een loonvordering. Het gaat hier om een passage uit de pleitaantekeningen voor het hof Amsterdam. Deze spreekaantekeningen zijn identiek aan de pleitaantekeningen die het hof heeft aangetroffen in het dossier van [appellant andere procedure] tegen La Bastille XL, in welke zaak het hof eveneens vandaag uitspraak doet. Op de pleitaantekeningen is in beide zaken als zaaknummer vermeld 200.284.501/01, het zaaknummer dat is vermeld op het arrest van het hof Amsterdam in de zaak van [appellant andere procedure] . Naar het hof begrijpt, zijn [appellant] en [appellant andere procedure] (en nog enkele andere werknemers) bijgestaan door dezelfde advocaat, mr. Heijlaerts, en heeft deze advocaat zich in de verschillende zaken bediend van dezelfde pleitaantekeningen. Het hof begrijpt ook dat de hier bedoelde passage in deze pleitaantekeningen enkel betrekking heeft op de zaak tussen [appellant andere procedure] en La Bastille XL. Het hof gaat er dus van uit dat omstandigheid iv in het arrest van de Hoge Raad niet een door [appellant] aangevoerde omstandigheid betreft. Ten overvloede overweegt het hof nog dat het ook hier gaat om na het ontdekken of behoren te ontdekken van het gestelde structureel niet uitbetalen van overuren, protesteren bij La Bastille XL en niet om ‘doorpakken met het instellen van een loonvordering’.