ECLI:NL:GHLEE:2011:BU1889
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling zelfstandig recht van opstal door verjaring op recreatiewoning
Appellante kocht een recreatiewoning van de vorige huurder van een perceel grond dat zij van geïntimeerde huurde. De huurovereenkomst bevatte bepalingen over verkoop en overname van de opstallen, maar er was geen recht van opstal gevestigd. Appellante vorderde bij de rechtbank dat door verjaring een recht van opstal was ontstaan. De rechtbank oordeelde dat het opstalrecht afhankelijk was van de huurovereenkomst.
In hoger beroep stelde appellante dat het opstalrecht zelfstandig was en niet afhankelijk van de huur. Het hof oordeelde dat het opstalrecht niet eindigt met de huurovereenkomst en dat het recht zelfstandig is, mede omdat de huurovereenkomst toestaat de woning onder voorwaarden aan derden te verkopen en het recht niet vervalt zonder akkoord van geïntimeerde. Tevens concludeerde het hof dat appellante de woning feitelijk houdt en bezit, mede door instemming van geïntimeerde en het aangaan van een nieuwe huurovereenkomst.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde voor recht dat door verjaring een zelfstandig recht van opstal is ontstaan waarvan appellante de beperkt gerechtigde is. Geïntimeerde werd veroordeeld in de proceskosten van beide instanties.
Uitkomst: Het hof verklaart dat appellante door verjaring een zelfstandig recht van opstal heeft verkregen op de recreatiewoning.