ECLI:NL:GHSGR:2012:BY8338
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- B. van Walderveen
- J.J.J. Engel
- H.J. van den Steenhoven
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep navorderingsaanslagen buitenlandse bankrekening en immateriële schadevergoeding
Belanghebbenden zijn erfgenamen van een overledene die volgens de Inspecteur houder was van een buitenlandse bankrekening bij de Kredietbank Luxembourg (KB Lux). Op basis van door Belgische autoriteiten verkregen gegevens legde de Inspecteur navorderingsaanslagen op voor de inkomsten- en vermogensbelasting over meerdere jaren. Belanghebbenden ontkenden kennis van deze rekening en betwistten de aanslagen.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond, waarbij zij de bewijslast bij de Inspecteur legde en oordeelde dat de navorderingsaanslagen terecht waren opgelegd. Het Hof bevestigt dit oordeel, wijst het beroep op strijd met de Richtlijn 77/799/EEG af en oordeelt dat de Inspecteur de gegevens rechtmatig mocht gebruiken. De bewijslast wordt omgekeerd omdat belanghebbenden niet aan hun informatieplicht voldeden.
Het Hof acht de schatting van de Inspecteur grotendeels redelijk, maar vermindert de navorderingsaanslagen door toepassing van een correctie op de gebruikte factor 1,5. Tevens wijst het Hof het beroep op het vertrouwensbeginsel en het zorgvuldigheidsbeginsel af. Verder kent het Hof belanghebbenden een immateriële schadevergoeding toe wegens overschrijding van de redelijke termijn in bezwaar, beroep en hoger beroep.
Tot slot veroordeelt het Hof de Inspecteur in de proceskosten en tot vergoeding van het betaalde griffierecht. De uitspraak is op 9 mei 2012 in het openbaar uitgesproken door mrs. B. van Walderveen, J.J.J. Engel en H.J. van den Steenhoven.
Uitkomst: Navorderingsaanslagen bevestigd met vermindering, immateriële schadevergoeding toegekend, proceskosten en griffierecht vergoed.