ECLI:NL:GHSHE:2010:BN3972
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P. Fortuin
- W.E.M. van Nispen tot Sevenaer
- J.C.K.W. Bartel
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten bij onrechtmatige voorlopige aanslag inkomstenbelasting
Belanghebbende ontving in 2007 dividend en verzocht om een voorlopige aanslag, die ook voor 2008 werd opgelegd op hetzelfde belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang. Deze aanslag over 2008 was onjuist, niet aan belanghebbende toe te rekenen en werd verminderd tot nihil. De inspecteur weigerde aanvankelijk de vergoeding van de kosten van bezwaar toe te kennen.
In hoger beroep stond centraal of belanghebbende recht had op vergoeding van de kosten van bezwaar, beroep en hoger beroep. Het hof stelde vast dat de inspecteur niet aan zijn zorgvuldigheidsplicht voldeed bij het vaststellen van de voorlopige aanslag, mede doordat het tarief in 2007 eenmalig was verlaagd en dividend incidenteel van aard is. De inspecteur had onvoldoende rekening gehouden met deze omstandigheden.
Het hof oordeelde dat de vermindering van de voorlopige aanslag het gevolg was van aan de inspecteur toe te rekenen onrechtmatigheid, waardoor belanghebbende recht had op vergoeding van de kosten. Het gewicht van de zaak werd voor bezwaar als licht, voor beroep gemiddeld en voor hoger beroep zwaar aangemerkt, wat leidde tot een totale kostenvergoeding van €1.207,50. Het hoger beroep van de inspecteur werd ongegrond verklaard en het incidenteel hoger beroep van belanghebbende gegrond.
Uitkomst: De inspecteur wordt veroordeeld tot vergoeding van de kosten van bezwaar, beroep en hoger beroep wegens onrechtmatige voorlopige aanslag.