ECLI:NL:HR:1948:86
Hoge Raad
- Cassatie
- Donner
- Nypels
- Hijink
- van der Flier
- Losecaat Vermeer
- Rechtspraak.nl
Nietigheid opzegging arbeidsverhouding zonder voorafgaande toestemming en conversie in geldige rechtshandeling
In deze zaak stond centraal of een opzegging van een arbeidsovereenkomst geldig kon zijn indien de vereiste toestemming van de Directeur van het Gewestelijk Arbeidsbureau pas na de datum van opzegging werd verleend. De eiser, die sinds 1943 in dienst was, werd ontslagen per 22 december 1945 zonder dat vooraf schriftelijke toestemming was verkregen. De kantonrechter verklaarde het ontslag nietig en veroordeelde de verweerders tot betaling van loon vanaf 23 december 1945.
De rechtbank vernietigde dit vonnis en oordeelde dat de toestemming op de dag van het verzoek (13 december 1945) moest worden geacht te zijn verleend, waardoor het ontslag geldig was. De Hoge Raad stelde echter dat de toestemming pas van kracht wordt na schriftelijke mededeling aan partijen, in dit geval op 29 december 1945.
De Hoge Raad oordeelde dat de opzegging zonder voorafgaande toestemming nietig is, maar dat deze nietigheid kan worden geconverteerd in een geldige rechtshandeling met ingang van een latere datum, namelijk twee weken na ontvangst van de schriftelijke toestemming. Hierdoor werd de arbeidsovereenkomst geacht te zijn beëindigd op die latere datum, en werd de eis van loonbetaling beperkt tot de periode van 23 december 1945 tot die datum.
De proceskosten werden gecompenseerd omdat partijen deels in het ongelijk waren gesteld.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de opzegging zonder voorafgaande toestemming nietig, maar converteert deze in een geldige rechtshandeling met ingang van twee weken na ontvangst van de schriftelijke toestemming, en veroordeelt verweerders tot betaling van loon over die periode.