ECLI:NL:HR:2000:AA6255
Hoge Raad
- Cassatie
- F.W.G.M. Van Brunschot
- P.J. Van Amersfoort
- P. Lourens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid beroep tegen naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting wegens overschrijding termijn
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting opgelegd waarop hij bezwaar maakte. De Inspecteur wees het bezwaar af op 23 september 1994. Belanghebbende diende vervolgens te laat beroep in bij het Hof, dat hem daarom niet-ontvankelijk verklaarde. Na vernietiging door de Hoge Raad in 1996 werd het verzet tegen de niet-ontvankelijkheid opnieuw ongegrond verklaard door het Hof.
In het cassatieberoep betoogde belanghebbende dat ziekte hem verhinderde tijdig te reageren. Het Hof oordeelde echter dat hij onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat ziekte de overschrijding rechtvaardigde, mede gelet op zijn frequente verblijven in Portugal en Nederland. Het Hof stelde dat het risico van overschrijding bij belanghebbende lag.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep. Er was geen sprake van een onjuiste rechtsopvatting of onjuiste waardering van bewijs. De Hoge Raad zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en wees het beroep af.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het beroep van belanghebbende wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.