ECLI:NL:HR:2001:AD4499
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- R. Herrmann
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid moedermaatschappij en bestuurder wegens onrechtmatig handelen jegens schuldeisers dochtermaatschappij
De zaak betreft een geschil tussen crediteuren van een failliete dochtermaatschappij en de moedermaatschappij met haar bestuurder. De crediteuren stelden dat de moedermaatschappij en haar bestuurder onrechtmatig hadden gehandeld door niet tijdig maatregelen te nemen toen zij wisten of behoorden te weten dat de dochtermaatschappij haar schulden niet meer kon voldoen.
De rechtbank en het hof oordeelden dat de moedermaatschappij vanaf 1 juli 1984 gehouden was de belangen van de schuldeisers aan te trekken en hen te waarschuwen voor het risico van niet-betaling. Tevens werd geoordeeld dat de moedermaatschappij feitelijk leiding gaf aan de dochter en dat de bestuurder roekeloos handelde door het beleid te laten voortzetten dat alleen gericht was op voltooiing van werken ten gunste van de bank.
De Hoge Raad bevestigde deze oordelen en verwierp de cassatieberoepen. De moedermaatschappij had onvoldoende toezicht gehouden en geen maatregelen genomen om verdere schade te voorkomen. De bestuurder had persoonlijk aansprakelijkheid vanwege zijn dominante positie en wetenschap van de financiële situatie. De vorderingen van de crediteuren bleven gehandhaafd, en de Hoge Raad bevestigde dat individuele schuldeisers hun vorderingen tegen derden kunnen instellen, ook naast de curator.
De Hoge Raad oordeelde dat de peildatum van 1 juli 1984 adequaat was vastgesteld en dat de moedermaatschappij vanaf dat moment maatregelen had moeten treffen om te voorkomen dat schuldeisers schade leden. De aansprakelijkheid van de moedermaatschappij en haar bestuurder werd bevestigd, evenals de ontvankelijkheid van de crediteuren in hun vorderingen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt de cassatieberoepen en bevestigt de aansprakelijkheid van moedermaatschappij en bestuurder jegens de schuldeisers.