ECLI:NL:HR:2001:AD5390
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- J.P. Balkema
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vermindert gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn in ontuchtzaak
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden, waarin de verdachte werd veroordeeld tot achttien maanden gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk, wegens meermalen ontuchtige handelingen met minderjarige kinderen tussen 4 en 8 jaar.
De verdachte stelde in hoger beroep dat zijn handelingen niet als ontuchtig konden worden aangemerkt. Het hof verwierp dit verweer en motiveerde dat onvoldoende, maar dit leidde niet tot cassatie omdat het hof het oordeel baseerde op de bescherming van de seksuele integriteit van jonge kinderen en het grote leeftijdsverschil.
De Hoge Raad oordeelde dat de redelijke termijn zoals bedoeld in art. 6 EVRM Pro was overschreden, wat strafvermindering rechtvaardigt. De straf werd verminderd tot 16 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk. De overige middelen van cassatie werden verworpen. De uitspraak werd gewezen door de vice-president en raadsheren van de Strafkamer.
Uitkomst: De Hoge Raad vermindert de gevangenisstraf tot 16 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, wegens overschrijding van de redelijke termijn.