ECLI:NL:HR:2003:AI1596
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- E.J. Numann
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Vaststelling huurprijs woonruimte bij gemengde huurovereenkomst
Verzoeker heeft bij de kantonrechter verzocht de huurprijs van een woonruimte vast te stellen op grond van artikel 27 van Pro de Huurprijzenwet woonruimte (HPW). De kantonrechter wees dit verzoek toe, maar de rechtbank vernietigde deze beschikking en verklaarde verzoeker niet-ontvankelijk omdat de HPW niet van toepassing zou zijn op het gehuurde, dat volgens de rechtbank hoofdzakelijk bedrijfsruimte betrof.
De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank een onjuiste rechtsopvatting heeft gehanteerd door de bedoeling van partijen bij het sluiten van de huurovereenkomst als doorslaggevend te beschouwen, zonder de juiste maatstaf toe te passen die is neergelegd in een eerdere beschikking van de Hoge Raad uit 1993. Deze maatstaf houdt in dat bij gemengde huurovereenkomsten het gehuurde slechts niet als woonruimte wordt aangemerkt indien het in overwegende mate voor een ander doel dan bewoning wordt gebruikt, waarbij onder meer het vloeroppervlak en het aantal vertrekken van belang zijn.
De Hoge Raad vernietigt daarom de beschikking van de rechtbank en verwijst de zaak naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing aan de hand van de juiste maatstaf. Tevens veroordeelt de Hoge Raad verweerder in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking van de rechtbank en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor verdere behandeling aan de hand van de juiste maatstaf.