ECLI:NL:HR:2003:AL3411
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Ontzegging rijbevoegdheid na verkeersongeval door openen autoportier
De zaak betreft een verkeersincident waarbij de verdachte, nadat hij zijn auto in een parkeerhaven had geparkeerd, het linker portier opende terwijl een fietser langs zijn voertuig reed. Dit leidde tot een botsing waarbij de fietser zwaar lichamelijk letsel opliep. De verdachte werd veroordeeld voor overtreding van artikel 6 van Pro de Wegenverkeerswet 1994 wegens aanmerkelijk onvoorzichtig gedrag dat het ongeval veroorzaakte.
Het hof legde de verdachte een geldboete op en ontzegde hem de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor zes maanden, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De verdachte stelde in cassatie dat hij ten onrechte als bestuurder was aangemerkt en dat de ontzegging rijbevoegdheid daarom onterecht was opgelegd.
De Hoge Raad oordeelde dat de gedraging van het openen van het portier bij het verlaten van een geparkeerde auto kwalificeert als het besturen van een motorrijtuig in de zin van artikel 179 WVW Pro 1994. De ontzegging rijbevoegdheid kan daarom terecht aan de verdachte worden opgelegd. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling en de ontzegging van de rijbevoegdheid voor zes maanden.