ECLI:NL:HR:2000:AA4310
Hoge Raad
- Cassatie
- Haak
- Bleichrodt
- Orie
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens onjuiste strafoplegging bij alcoholgebruik in het verkeer
De zaak betreft een verdachte die in hoger beroep is veroordeeld voor overtreding van artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wegenverkeerswet 1994 wegens het besturen van een voertuig onder invloed van alcohol met een ademalcoholgehalte van 735 microgram per liter uitgeademde lucht.
Het hof had de verdachte veroordeeld tot een geldboete en subsidiair hechtenis, maar had de bijkomende straf van ontzegging van de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen niet opgelegd omdat in de tenlastelegging niet was vermeld dat het om een motorrijtuig ging.
De Hoge Raad oordeelt dat deze omstandigheid geen bestanddeel van het delict is, maar slechts een vereiste voor het opleggen van de bijkomende straf. Daarom is het niet nodig dat dit in de tenlastelegging of bewezenverklaring wordt opgenomen. Het hof heeft hiermee een onjuiste rechtsopvatting gehuldigd.
De Hoge Raad vernietigt het arrest voor wat betreft de strafoplegging en wijst de zaak terug naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage om de strafoplegging opnieuw te beoordelen en af te doen.
De beslissing werd genomen door de vice-president Haak als voorzitter en de raadsheren Bleichrodt en Orie op 18 januari 2000.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd voor wat betreft de strafoplegging en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.